9 mogelijke revelaties van 2021


Elk wielerseizoen kent zo zijn verrassingen. Kijk bijvoorbeeld naar het afgelopen seizoen, waar Pogacar zijn potentie omzette in Tourwinst. En waar Marc Hirschi zijn talent omzette in prestaties en overwinningen van wereldformaat. Ook in 2021 zullen er renners boven zichzelf uitstijgen. Wielervisie werpt een blik op 9 mogelijke revelaties in het komende seizoen.


01. Thomas Pidcock
Alweer een alleskunner
Alleskunners op de fiets, ze lijken met bosjes het peloton binnen te wandelen. Het lijstje met veldrijders en mountainbikers die buitengewone prestaties leveren op de weg wordt alsmaar groter. Dit jaar kan daar zomaar nog een naam aan toegevoegd worden. Megatalent Thomas Pidcock komt in het komende seizoen uit voor INEOS – Grenadiers en kan zomaar de volgende renner worden in het rijtje Van der Poel, Van Aert en Alaphilippe. De Britse jongeling tentoonstelde zijn talent al op de mountainbike en in het veld en lijkt nu klaar om ook op de weg te imponeren. De 22-jarige Pidcock lijkt vooralsnog op meerdere fronten uit de voeten te kunnen. Zo won hij de belofte-editie van Parijs – Roubaix en was hij tevens eindwinnaar in de Baby-Giro. Klimmen, stoempen op de kasseien en sprinten; Thomas Pidcock kan het allemaal.


02. Olav Kooij
Snel, sneller, snelst
Vanuit Nederlands oogpunt is vooral de ontwikkeling van de jonge Olav Kooij interessant om te volgen. Het feit dat Jumbo de promotie van het belofteteam naar het profteam heeft vervroegd naar het begin van dit seizoen, geeft aan dat er veel geloof is vanuit de ploegleiding. Waar Kooij eigenlijk pas in juli zou aansluiten bij het profteam van Jumbo, doet hij namens de profs al mee aan het Omloop Het Nieuwsblad. De 19-jarige renner toont vooral zijn klasse in de sprint. Zo sprintte de jongeling al naar de winst in enkele Sloveense eendagskoersen. Samen met ploeggenoot David Dekker vormt Kooij een van de grootste sprinttalenten van Nederland. Dat terwijl Groenewegen en Jakobsen nog lang niet uitgesprint zijn.


03. Gino Mäder
De Marc Hirschi van het hooggebergte? 
De stormachtige ontwikkeling van Marc Hirschi in 2020 is niemand ontgaan. De Zwitser kent echter nog een landgenoot die eveneens de potentie heeft om zulke prestaties te leveren in de toekomst. Het gaat hierbij om Gino Mäder, een geboren klimmer die al het nodige heeft laten zien in zijn nog jonge carrière. Mäder is met 24 jaar twee jaar ouder dan Hirschi en is daarom misschien niet van dezelfde orde. Desondanks kan Mäder zomaar uitgroeien tot een van de beste klimmers ter wereld, zelfs dit jaar al. De Zwitser staat aan de vooravond van zijn derde seizoen als prof en rijdt komend jaar in het shirt van Bahrain. Vooral in de Vuelta van vorig seizoen liet Mäder zijn kwaliteit zien, met onder meer een tweede plaats in de bergrit naar La Covatilla en een twintigste plaats in het eindklassement.


04. Mauri Vansevenant
De omgekeerde versie van zijn vader
Dat Remco Evenepoel niet het enige klimtalent uit België is, zal inmiddels bij velen bekend zijn. Er staan steeds meer jonge zuiderburen op met klimmersbenen. Zo ook Mauri Vansevenant, die evenals zijn landgenoot uitkomt voor het Belgische Deceuninck – QuickStep. Als zoon van oud-renner Wim Vansevenant is Mauri van het tegenovergestelde type dan zijn vader. Waar zijn vader recordhouder is van de rode lantaarn in de Tour, wordt van Mauri juist verwacht dat hij binnen enkele jaren mee kan doen in de top van het klassement in de grote rondes. In de beloftecategorieën reed Vansevenant steevast vooraan wanneer het bergop ging. Het is dan ook niet voor niets dat Deceuninck al snel interesse had in de nog maar 21-jarige Belg. De kans is groot dat hij dit jaar vooral zal moeten knechten voor landgenoot Evenepoel en kopman Alaphilippe, maar wie weet kent Vansevenant in 2021 al zijn grote doorbraak.


05. Andrea Bagioli
De nieuwe Bettini?
Als we Andrea Bagioli moeten vergelijken met een renner uit het verleden, dan kan dat maar één iemand zijn. De kwaliteiten en potentie van de Italiaan komen overeen met die van landgenoot Paolo Bettini. Evenals de oud-Olympisch kampioen heeft Bagioli een indrukwekkend eindschot en is hij beresterk op heuvelachtig terrein. In zijn eerste profjaar bij Deceuninck – QuickStep vorig jaar wist hij in de openingsrit Roglic te kloppen in een sprint bergop. Daarnaast won de inmiddels 21-jarige Italiaan ook nog een rit in de Settimana Coppi e Bartali. Ook maakte Bagioli furore in de Brabantse Pijl, waar hij als zevende eindigde. De mogelijkheden voor de toekomst liggen voor Bagioli op heuvelachtige parcoursen en in oplopende eindsprints. Of hij het palmares van Bettini ooit weet te evenaren is nog maar de vraag, maar qua potentie kan de jongeling heel ver komen.


06. Harm Vanhoucke
Alweer een Belgisch klimtalent
Naast natuurlijk Remco Evenepoel en de eerder genoemde Mauri Vansevenant mag er ook uitgekeken worden naar de klimprestaties van Harm Vanhoucke. De jonge klimmer van Lotto Soudal is een generatiegenoot van de eerder genoemde Belgische renners en lijkt eveneens een glorieuze toekomst tegemoet te gaan. De 23-jarige Vanhoucke won in 2016 al de belofteversie van de Ronde van Lombardije. Vervolgens zette hij meerdere topprestaties neer in de beloftecategorieën, mits de wegen omhoog liepen. Bij Lotto Soudal staat hij aan de vooravond van zijn derde profjaar. Terugblikkend op zijn eerste twee jaren als prof, springt vooral de Giro van vorig jaar eruit, waar hij derde werd op de Etna en zesde op Madonna di Campiglio. Al met al kunnen we zeggen dat er de komende jaren, en misschien wel dit jaar, naar Harm Vanhoucke gekeken moet worden als de wegen omhoog gaan.


07. Sepp Kuss
De beste klimmer van het peloton?
De naam Sepp Kuss is inmiddels bij iedere wielervolger al bekend. Dat maakt hem misschien een te grote naam voor dit artikel. Dat Kuss een klimtalent is en inmiddels al bij de 20 beste klimmers ter wereld hoort is al lang bekend, maar de jonge Amerikaan maakt zich in 2021 klaar om de volgende stap in zijn nog jonge carrière te zetten. Door zijn indrukwekkende klimprestaties in de afgelopen twee seizoenen zal Jumbo – Visma de 26-jarige Kuss vaker als kopman uitspelen. Die rol heeft hij nog niet vaak vervuld, dus wordt het voor de wielerwereld een interessante ontwikkeling om te volgen. Als Kuss de puike klimprestaties uit de Tour en de Vuelta om weet te zetten in constante prestaties, kan hij zomaar de toekomste Tourkopman van de Nederlandse ploeg gaan worden. Zijn ontwikkeling in het komende seizoen kan dus van doorslaggevende invloed zijn op het verloop van zijn carrière.


08. Brandon McNulty
De nieuwe Van Garderen?
Een goede tijdrijder uit de Verenigde Staten. Het lijkt geen uitzondering. In het verleden en het heden zijn er tal van voorbeelden te noemen. Luister bijvoorbeeld naar de namen Tyler Hamilton, David Zabriskie, Levi Leiphiemer, Taylor Phinney en Chad Haga. Ook Brandon McNulty is een specialist op de tijdritfiets, zo bevestigen zijn wereldtitel bij de junioren en zijn dichte ereplaatsen in de tijdritten van de voorbije Giro d’Italia. Dat de 22-jarige nog meer kan dan tijdrijden alleen, heeft hij ook dikwijls bewezen. In dat opzicht lijkt de renner van UAE Team Emirates veel op zijn oudere landgenoot Tejay van Garderen. Zowel op heuvelachtig terrein als in het hooggebergte kan McNulty goed uit de voeten, getuigen zijn vijftiende eindnotering in de Vuelta van 2020. Of dit ook leidt tot een uiteindelijk Tourpodium is nog onbekend, maar daar heeft McNulty zeker de potentie voor.


09. Aurélien Paret-Peintre
Franse degelijkheid
De term Duitse degelijkheid is algemeen bekend. De term Franse degelijkheid des te min. Eigenlijk bestaat deze ook niet. Maar als hij zou bestaan, dan geldt ‘Franse degelijkheid’ zeer zeker voor Aurélien Paret-Peintre. Velen weten dat de 24-jarige Paret-Peintre een groot talent is, en dat hij al enkele mooie prestaties heeft geleverd. Zo eindigde hij in 2020 als 16e in de Ronde van Zwitserland evenals in de Ronde van Spanje. Toch lijkt Paret-Peintre geen uitzonderlijk talent, omdat hij maar weinig in beeld fietst en geen uitzonderlijke prestaties neerzet. Daar kwam aan het prille begin van 2021 echter verandering in, toen de renner van AG2R tegen alle verwachtingen in de groepssprint naar de overwinning snelde in de GP La Marseille. Heeft Paret-Peintre hiermee ontdekt dat hij meer kan dan klimmen alleen, of wist hij dit al lang en laat hij dit jaar pas zien wat hij écht kan?