Hotspots

7 prachtige onderdelen uit het parcours

NICE

Tijdens het Grand Départ staat de stad Nice centraal. De fictieve hoofdstad van de Côte d’Azur verwelkomt de Tour met open armen. De eerste twee ritten starten en finishen in Nice, waarna de derde etappe er van start gaat. De eerste etappe eindigt op de Promenade des Anglais, de wereldberoemde boulevard van de populaire badplaats. Deze naam heeft de weg te danken aan welvarende Engelsen die in de achttiende eeuw overwinterden in Nice. Zij zorgden voor de aanleg van de boulevard, waar in 2016 een verschrikkelijke aanslag werd gepleegd op de Franse nationale feestdag.

PRIVAS

De vijfde etappe van de Tour eindigt in Privas. Dit relatief kleine plaatsje ligt in het hartje van de Ardèche, het departement dat midden in de prachtige natuur ligt. Het departement is vernoemd naar de gelijknamige rivier die er doorheen stoomt. Daaromheen liggen prachtige natuurgebieden met veel ui bossen, heuvels, kliffen en grotten. Het belooft een mooie etappe te worden voor de Tv-kijkers die genieten van de jaarlijkse prachtplaatjes uit Frankrijk.

ÎLE DE RÉ

Na de eerste week verplaatst het Tourcircus zich naar de westkust van Frankrijk. In etappe tien trekt het peloton van eiland naar eiland. De start van de rit is op Île d’Oléron en de finish is op Île de Ré. Hier tussenin rijden de renners door een moerasgebied vol prachtige vlakke en open wegen, waar de wind de koers op zijn kop kan zetten. Het finale-eiland Île de Ré bereiken de renners via de drie kilometer lange brug vanuit La Rochelle.

PUY MARY

De finish van etappe dertien ligt op de top van de Pas de Peyrol, ook wel Puy Mary genoemd. De Tour finishte nog nooit hier bovenop en zal angst inboezemen bij de renners. De etappe in het Central-Massief is sowieso al een zware onderneming, aangezien de rit de meeste hoogtemeters van alle etappes bedraagt. De finale naar Puy Mary is als een gigantische kers op een heerlijke taart. De slotkilometers gaan omhoog tegen een gemiddeld percentage van ruim elf procent.

GRAND COLOMBIER

De laatste jaren kwam de Tour graag naar bergketen de Jura. Meestal was dit om de Col du Grand Colombier te beklimmen. Vrijwel alle ritten die over deze berg heen gingen monden uit in een spektakel. Dit jaar heeft de organisatie het voor elkaar gekregen om de finish van de vijftiende etappe op de top van de Grand Colombier te leggen. De beklimming, met een prachtige sector met haarspeldbochten, is een lust voor het oog en een zware beproeving voor de renners. De helling wordt tweemaal aangedaan in de etappe. De eerste keer nemen de renners de lastige helling aan de westkant, waarbij zij niet tot de top rijden. De laatste keer rijden de renners de Grand Colombier op via de oostkant, waarna de finish dus op de ruim 1500 meter hoge top ligt.

COL DE LA LOZE

De Tourorganisatie is elk jaar weer op zoek naar een unieke berg in het parcours. Na de Col de Portet in 2018 en de uitbereiding van de Planche des Belles Filles in 2019 ligt er ook dit jaar een nieuw stuk asfalt in de bergen. Ditmaal gaat hem on de Col de la Loze. Deze helling is het verlengstuk van de beklimming naar Méribel. Vanuit het skioord kan er verder geklommen worden naar de top van deze 2304 meter hoge beklimming, die hiermee het ‘dak van de Tour’ is. De totale lengte van de La Loze is 22,7 kilometer, waarvan vooral het nieuw geasfalteerde gedeelte het lastigste is. De col is er zeer onregelmatig met vlakkere stukken en zeer steile stukken, tot wel 22%.

PLATEAU DE GLIÈRES

De laatste beklimming in de laatste bergrit van de Tour is een bijzondere. De weg naar het Plateau de Glières zelf is smal en zeer steil (zes kilometer aan 11,2 procent), maar het unieke aan deze beklimming is de top er van, plus het gedeelte wat daarna komt. Eenmaal boven op deze helling komen de renners namelijk aan op een onverharde weg. Deze strook duurt twee kilometer en gaat lichtjes op en af. Wanneer klimmers het verschil niet kunnen maken op de helling, biedt het gravel-pad dus nog een extra mogelijkheid.