Op vrijdag de dertiende staat de zevende etappe van deze Tour de France op het programma. Met ruim 230 is dit de langste etappe van deze Ronde van Frankrijk. Op papier lijkt dit een etappe voor de sprinters, maar de laatste veertig kilometer over open wegen kunnen zomaar voor opschudding zorgen.  

Etappe 7 (vrijdag 13 juli): Fougères – Chartres (231/vlak) 

In deze etappe trekt het peloton verder het binnenland van Frankrijk in. Gestart wordt er in Fougères, een prachtige gelegen oude stad met vele oude kastelen en kerken. Wie dol is op cultuur zal ook blij worden van finishplaats Chartres, waar een van de beroemdste kathedralen van Frankrijk staat. Ook qua Tourgeschiedenis is de aankomstplaats een bekende. Zo bevestigde Wiggins er zijn Tourzege in 2011 door de individuele tijdrit te winnen. Een bekendere aankomst in Chartres was die van de vijfde etappe in 2004, toen Stuart O’Grady er de etappe won vanuit de vroege vlucht. In die groep vluchters zat ook Thomas Voeckler, die in Chartres de gele trui veroverde waarna zijn sprookje kon beginnen. De Franse publiekslieveling kende zijn doorbraak door de leiderstrui maar liefst tien dagen vast te houden.

Deze lange beproeving kent weinig obstakels in de vorm van hellingen. Onderweg is er slechts één beklimming van de vierde categorie te vinden. Op 63 kilometer van de meet krijgen zij de tussensprint voorgeschoteld. Eenmaal voorbij Corbres, op veertig kilometer van de aankomst, zijn de wegen open en heeft de wind vrij spel. In deze laatste veertigduizend meters ligt ook nog de bonussprint in Nonvilliers Grandhoux.

Wanneer de wind gunstig staat en de ploegen bereidt zijn om iets te ondernemen, kan er zomaar een prachtige finale ontstaan. De open wegen richting Chartres bieden genoeg mogelijkheden op het creëren van waaiers en zodoende de klassementsrenners onder druk te zetten. Kortom: een gemakkelijke beproeving voor de sprinters zal het vandaag niet worden.

Favorieten

favorieten etappe 7