Het is alweer vier dagen geleden dat de knotsgekke editie van Parijs – Roubaix werd verreden. Zoals verwacht gebeurde er weer ontzettend veel in ‘de Hel van het Noorden’. Maar eveneens zoals altijd gebeurde er juist wat men niet had verwacht. In ieder geval stond de koers opnieuw garant voor memorabele momenten. 

Zo werd Fabian Cancellara in zijn laatste Parijs – Roubaix geveld door pech, om vervolgens tijdens zijn ereronde op het Vélodrome nog maar eens onderuit te schuiven. Peter Sagan viel juist niet, wat op zich al een wonder genoemd mag worden (beeld). Imanol Erviti behaalde in één week als Bask zijnde zijn tweede top tien-plaats in een monument over kasseien. Ik herhaal: als Bask zijnde. En dan was daar ook nog Tom Boonen, voor wie zijn vijfde overwinning in Roubaix voor het oprapen lag. Heel Vlaanderen zat op het puntje van de stoel, samen met de commentatoren van Sporza, die elke keer dat de billen van Boonen het zadel verlaten sowieso al uit hun dak gaan.

En dan heb ik het nog niet eens gehad over de winnaar: Mathew Hayman. De 37-jarige Australiër bemachtigde een plek in de vroege vlucht en bleef als enige van de kopgroep aanhaken bij de favorieten die hen bijhaalden. Aanhaken, aanhaken en aanhaken was het devies voor Hayman. Maar daar bleef het niet bij. Hayman viel aan, reed gaten dicht en hield het overzicht in volle finale. In de sprint troefde hij zijn vier medekoplopers knap af. Dat terwijl hij, geheel onjuist gezien zijn verleden, volgens de commentatoren totaal niet kan sprinten.

Maar het mooiste moment van de afgelopen zondag vond niet plaats in de koers, maar ná de koers. Het moment dat Mathew Hayman na de finish van zijn fiets stapte behoort nu al tot één van de meest memorabele wielermomenten van het wielerjaar 2016. Hayman verliet de tweewieler die hem de hele koers vooraan had gehouden, gaf hem af en was vervolgens totaal de weg kwijt. Voor even wist hij niet waar hij, wie hij was, wat hij was, wat hij zojuist had gedaan en wat hij moest doen (beeld).

Zijn gezicht sprak boekdelen. Het ongeloof straalde er van af. Hayman keek verdwaasd om zich heen. Vol onbegrip. Hij keek om zich heen als een kleuter die zojuist Sinterklaas, de Kerstman en de Paashaas op een waterfiets voorbij had zien komen. Als een 65-plusser die zojuist bezoek kreeg van Winston, Gaston, of weet ik veel welke Ton die een miljoen af kwam leveren namens de Postcode-staats-bingo-vrienden-familie-kennissen-loterij. Als een voetballer die bij het nemen van de beslissende strafschop in de WK-finale de bal uit het stadion joeg.

Hayman sloeg zijn handen voor zijn met modder besmeurde ‘Roubaix-gezicht’. Hij keek naar links en zag zijn fiets afgevoerd worden terwijl hij werd gefotografeerd. Daarna keek hij naar rechts en kreeg van een medewerker van zijn ploeg een fles water uitgereikt. Hij pakte het aan, kreeg een schouderklop en keek weer eens de andere kant op. Hij snapte totaal niet wat er gaande was en geloofde niet wat er zojuist gebeurd was.

Hayman gooide opnieuw zijn handen voor zijn gezicht en wachtte vervolgens op de wekker die af zou moeten gaan. De wekker die hem uit zijn droom zou halen. De wekker die al het voorgaande teniet zou doen. De wekker die hem terug op aarde zou brengen. De wekker die hem de harde werkelijkheid in zou sturen.

Maar dat gebeurde niet. De wekker ging niet af. Het was levensecht; Mathew Hayman had zojuist Parijs – Roubaix op fenomenale wijze op zijn naam geschreven. In een flits van een seconde drong dat besef door tot in zijn hoofd, waarop hij zijn ploegmedewerkers omhelzend besprong. Even later drong het besef door tot in zijn armen, welke als vuurpijlen rechtop de lucht in schoten met een bijbehorende overwinningskreet als toegift. Mathew Hayman besefte dat hij de koers van zijn dromen had gewonnen.

Zijn overwinning bracht heel wat te weeg. Het mooiste is nog dat Hayman hiermee een krachtig advies gaf aan zijn collega’s en eigenlijk aan een ieder op deze wereld:

Blijf dromen. Blijf dromen over datgene waarvan je hoopt dat het je lukt. Blijf dromen over datgene wat je wil bereiken. Misschien lukt het niet en gebeurt het niet, maar blijf op z’n minst dromen. Misschien lukt het namelijk wel. Misschien overkomt het jou ook en beleef je het moment van jouw dromen. Misschien gaat ook jouw wekker voor één keer niet af.