Witte parels die in vlokvorm neerdwarrelen op de heuvels van de Ardennen. Afgewisseld met regendruppels die hetzelfde doen. Daarbovenop een akelige vrieskou. Het zijn factoren die een dag als ongeschikte fietsdag bestempelen. Toch werd er gefietst. Van Luik naar Bastenaken en terug.

Maar dat ging niet vanzelf. Verwarmende en beschermende kledingstukken waren onmisbaar in de barre tocht door de Ardennen. Beenstukken, armstukken, mutsen, lange handschoenen en regenjacks boden de renners enige vorm van bescherming tegen deze verschrikkelijke omstandigheden.

Tegen het einde van de koers werden de omstandigheden ietwat beter in de grauwe koers. Zelfs de zon kwam zo nu en dan meegenieten van de heldhaftige mannen op de fiets, al bleef het akelig koud.

De finale kwam in zicht. En zoals iedere volger van de wielersport weet, begint de finale pas écht wanneer de kopmannen zich ontdoen van hun extra kledingstukken. Pas dan gaat hun koers van start.

Wout Poels deed dat ook. Op anderhalve kilometer van de eindstreep in Ans. Toen begon de koers van Woutje pas écht. Al het voorgaande was slechts voorspel. Het gemak waarmee hij de verschrikkelijk steile heuvels met namen als kunstwerken bedwong was een teken van onoverwinnelijkheid.

Poels pedaleerde op de Côte de La Redoute en de Côte de Roche-aux-Faucons naast de topfavorieten met ogenschijnlijk speels gemak. Als kers op de taart sprintte hij op de top van de Roche-aux-Faucons iedereen uit het wiel om ‘eventjes’ een bidon aan te pakken.  Alsof het een trainingsritje was.

Ook het sleutelmoment ging niet aan Poels voorbij. De Zwitserse alleskunner Michael Albasini reed op kop, oud-wereldkampioen Rui Costa sloot aan en ook oud-Olympisch kampioen Samuel Sánchez vond zijn weg naar voren. En even later dus ook Woutje. In het gezelschap van deze ‘grote meneren’ reed hij richting Ans, om rechtsaf te slaan richting de oplopende slotfase.

En pas daar deed Poels zijn handschoenen uit en begon zijn koers pas écht. Een overwinningstocht met blote handen. Blote handen waarmee hij – naar eigen zeggen – sneller kon schakelen. Blote handen waar hij als enige van de vier koplopers over beschikte.

Albasini nam de leiding, Poels en co volgden. Halverwege de oplopende strook in Ans deelde Woutje een plaagstoot uit. Hij hield vervolgens in om in tweede positie de laatste bocht naar links in te duiken. Met blote handen.

En toen ging hij aan. Nu geen plaagstoot, maar serieus. Voluit. Alles. Alle krachten die hij opgespaard had in deze barre fietstocht kwamen tot uiting in de laatste 250 meter. Poels ging staan op de pedalen. Hij bleef staan. Hij bleef gaan. En niemand kwam er meer aan te pas. Ook Albasini niet, die achteraf toegaf dat hij een te klein had geschakeld. Tsja, stom… Dan had je maar met blote handen moeten rijden.

Woutje won. Met een ruime fietslengte voorsprong. Al voor de streep begon hij te juichen. Met blote handen.